Uitvoeringswet verordening cyberweerbaarheid
Aangenomen door de Tweede Kamer; nu in behandeling bij de Eerste Kamer.
Laatst actief 14 sep 2026
AI system. Responses may contain errors. Why this matters
Wat dit wetsvoorstel doet
In gewone taal: wat het verandert en wie het raakt.
De wet regelt in Nederland toezicht, handhaving en rechtsbescherming rond Europese cyberveiligheidseisen voor producten met digitale elementen.
Fabrikanten, importeurs en distributeurs van producten met digitale elementen, zoals software, apparaten en slimme producten, krijgen te maken met toezicht en sancties. Ook aangemelde conformiteitsbeoordelingsinstanties en gebruikers van zulke producten worden geraakt.
- Wijst de Minister van Economische Zaken aan als aanmeldende autoriteit en markttoezichthouder.
- Geeft de toezichthouder bevoegdheden voor onderzoek, binnentreden, online handhaving en informatievergaring.
- Stelt bestuurlijke boetes en bestuursdwang mogelijk voor overtredingen van de verordening.
- Regelt beroep bij rechtbank Rotterdam en hoger beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
- Inwerkingtreding
- Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip; onderdelen kunnen verschillend in werking treden.
- Samenhang met
- Als het nieuwe Wetboek van Strafvordering (Kamerstukken 36327) eerder in werking treedt, wordt de verwijzing naar artikel 171 vervangen door artikel 1.2.27.
- Algemene wet bestuursrecht (Awb)
- art. Bijlage 2, artikel 7: Voegt Uitvoeringswet verordening cyberweerbaarheid toe aan appelgrondenlijst.
- art. Bijlage 2, artikel 11: Voegt uitvoeringswet en verordening toe aan cassatielijst.
Laatste update
10 sep 2026De meest recente ontwikkeling in de voortgang van dit wetsvoorstel.
Gewijzigd voorstel voegt evaluatie en bewaartermijn toe in artikel 3.4 en nieuw artikel 6.01
Behandeling Eerste Kamer → Behandeling Eerste Kamer
Voor toezichthouders en marktdeelnemers worden extra waarborgen toegevoegd: een evaluatieplicht en strengere regels voor bewaring van persoonsgegevens bij toezicht onder fictieve identiteit.
- Tekst: Hoofdstuk 6 bevat nieuw artikel 6.01; artikel 3.4 krijgt twee extra leden over bewaartermijn en uitlokverbod.
- Waarom nu: Dit is een gewijzigd voorstel van wet van 10 september 2026; de precieze aanleiding voor de wijzigingen blijkt niet uit het document.
- Nieuw artikel 6.01: verslag aan Staten-Generaal binnen drie jaar.
- Artikel 3.4 krijgt bewaartermijn voor persoonsgegevens in het verslag.
- Artikel 3.4 verbiedt uitlokking tot andere strafbare feiten.
Documenten
5 recentBronnenTweede Kamer